Bomen
Palmboom
Bomen zijn om meerdere redenen nuttig voor de mensheid
en het hele ecosysteem.
Bomen nemen koolstofdioxide op, en produceren zuurstof.
Mensen en dieren ademen zuurstof in, en ademen koolstofdioxide uit.
Bomen voeren dus de omgekeerde bewerking uit
van mensen en dieren. Zo ontstaat er een natuurlijk evenwicht.
Koolstofdioxide wordt ook geproduceerd door machines zoals auto's.
Doordat er veel auto's zijn, is er een overschot aan koolstofdioxide.
Bomen verminderen het overschot aan koolstofdioxide,
door koolstofdioxide in zich op te nemen en er zuurstof van te maken.
Bomen verminderen daardoor de schadelijke effecten van auto's.
De bladeren van bomen geven schaduw en in die schaduw
is het koeler.
Sommige bomen produceren eetbare vruchten zoals de
appelboom en de kokospalm.
De wortels van bomen zorgen voor stevigheid in de grond.
Hierdoor blijft de vruchtbare grond in de omgeving op zijn plaats.
Dennenappels
Zonnestralen langs kustmammoetbomen
Dennenappels bevatten zaden van dennenbomen. Ze groeien aan de dennenbomen en vallen op een
gegeven moment op de grond. De zaden in de dennenappel hebben vaak vleugels
waardoor ze door de wind lange afstanden kunnen afleggen.
Andere soorten zaden worden door vogels meegenomen.
Bij sommige soorten dennenappels moet er een vogel aan te pas komen om de dennenappel open
te breken zodat de zaden zich kunnen verspreiden.
Bij een andere soort komen de zaden pas vrij na een bosbrand,
waardoor er weer bomen gaan groeien na de brand.
Bij de meeste soorten breekt de dennenappel automatisch open wanneer die volgroeid is.
|